fotolijn

Praktijkbegeleider, wel gekwalificeerd

De praktijkbegeleider beoordeelt de leidinggevenden en de teams op hun competenties. Hebben zij in huis wat nodig is om de kwaliteit te leveren die ten goede komt aan het spel en de hele Scoutinggroep? Je coacht en motiveert vrijwilligers in de groep om zich verder te ontwikkelen en hun kwalificatie te behalen. De functieprofielen en kwalificatiekaarten helpen om inzichtelijk te krijgen welke competenties (het geheel aan vaardigheden, kennis en houding over een onderwerp) er nodig zijn om een (deel)kwalificatie te behalen. Als de praktijkbegeleider akkoord is met de behaalde competenties die nodig zijn voor een kwalificatie, dan neemt hij contact op met de praktijkcoach van de regio. Deze doet (in samenspraak met de praktijkbegeleider) de eindbeoordeling en geeft de kwalificatie af. 

Samenwerken in de groep en in de regio

Binnen de groep werk je samen met de groepsbegeleider. Beiden hebben te maken met de leidinggevenden en de leidingteams en hebben een signalerende functie. Het is belangrijk om de taken en acties goed op elkaar af te afstemmen om te voorkomen dat je in elkaars functie overlap krijgt van taken. Lees verderop op deze pagina meer over het verschil tussen de praktijkbegeleider en de groepsbegeleider.

Op regioniveau heb je contact met de praktijkcoach, om behaalde competenties te kunnen vaststellen en kwalificaties te kunnen toekennen. Daarnaast ondersteunt de praktijkcoach jou bij het invullen van je rol. Je bezoekt regelmatig regionale en landelijke bijeenkomsten om up-to-date te blijven en tips te horen van anderen (of om te geven).

Indien er binnen de regio een praktijkbegeleidersoverleg is georganiseerd, kun je hieraan deelnemen en je netwerk opbouwen. In deze bijeenkomsten kun je zelf vragen stellen, situaties overleggen, nieuws van Scouting Academy horen en je spreekt waarschijnlijk ook de trainerscoördinator en de trainers.

De trainers kunnen de input van de praktijkbegeleiders over de inhoud van de trainingen aanpassen indien gewenst en andersom kunnen de trainers ook hun waarnemingen over bepaalde opvallende zaken van leidinggevenden teruggeven aan de praktijkbegeleiders. Niet op persoonlijk niveau, maar op hoofdlijnen. Het gaat dan bijvoorbeeld om kennisniveau van het spelaanbod, technische kennis als het gaat om pionieren, etc.

Wat ga je doen als praktijkbegeleider?

Draagvlak creeëren voor Scouting Academy in je groep

In sommige groepen is er niet veel animo voor training en opleiding. Vrijwilligers zijn al druk genoeg met de opkomsten en de algemene gang van zaken in de groep. De tijd om ook nog trainingen te volgen, ontbreekt.

Het kan ook zijn dat men de noodzaak niet ziet en vindt dat alles goed gaat. Als praktijkbegeleider is het dan lastig om je taak vorm te geven. Als men echt niet wil, zal het een zware klus worden. Iets ‘willen’ begint bij de persoon zelf. ‘Verplicht’ leren zal in veel gevallen geen vruchten afwerpen.

Begin bij degenen die wel interesse hebben. Ga hiermee aan de slag en de kans bestaat dat anderen hierdoor gemotiveerd raken. Houd op de groepsraad of op een ander moment een korte presentatie over Scouting Academy en steek vooral in op: het niet dubbelop leren, de competenties die men al kan worden meteen afgetekend, je hoeft niet op training en wellicht kan er een training op de groep gegeven worden. Eventueel koppel je er een maaltijd of andere leuke activiteit aan.

Ook kun je starten met een speltakteam dat wel wil. Het zou kunnen dat andere teams gemotiveerd worden van de resultaten en het enthousiasme. Begin op microniveau en daar waar de kansen liggen.

Kwalificeren van leiding en speltakteams

Als praktijkbegeleider heb je de taak om de kwaliteit van het spel en de vrijwilligers te bewaken en te optimaliseren. Wat je onder andere gaat doen, is in gesprek gaan met de leidingteams, de leidinggevenden en de groepsbegeleider.

  1. Je inventariseert binnen je groep (via Scouts Online) welke kwalificaties iedere leidinggevende al heeft of welke trainingen er al gevolgd zijn. Deze inventarisatie moet je handmatig doen. Vervolgens maak je een inventarisatie van iedere speltak op basis van het teamprofiel. Welk niveau heeft het team en waar staan ze ongeveer? Je kunt vaststellen welke kwalificaties er al zijn of bijna zijn en informeert bij de groepsbegeleider naar zijn ideeën over het functioneren van de verschillende speltakteams.
    Ook kun je kijken naar de groei van de speltak. De gegevensbeheerder kan voor jou de managementinformatie uit Scouts Online halen. Een stijging of daling van het ledenaantal zou iets over de kwaliteit van het spel en de speltak kunnen zeggen. Dit hoeft niet per se.
    Je hebt nu een aardig beeld van de kwaliteiten van de teams, hun verbeterpunten en voor welke functies er gekwalificeerde leidinggevenden moeten komen.
  2. Je gaat in gesprek met de verschillende speltakteams. Je neemt het teamprofiel als uitgangspunt en bekijkt met de leiding op welk niveau zij zichzelf zien. Vervolgens laat je zien hoe de speltak ervoor staat zoals jij het ziet.
  3. Je gaat een TOP maken voor het team. Een Team Ontwikkel Plan in dit geval. Waar wil het team staan over één Scoutingseizoen? Wie heeft welke functie en wil of kan zich hiervoor kwalificeren? Je maakt een tijdspad waarin duidelijk wordt hoe de route voor de leidinggevenden eruit gaat zien: voor hun persoonlijke kwalificatie of voor specialistische vaardigheden of verdieping, zoals EHBO, pionieren, etc.
  4. Je voert de gesprekken in het team of met een leidinggevende apart. Je kijkt met elke leidinggevende, die het ontwikkeltraject instapt, wat er nog gedaan moet worden.
  5. Traject bewaken. Tijdens de opleiding van de diverse leidinggevenden houd je het traject in de gaten. Je hebt een tussenevaluatie of voortgangsgesprek met de individuele personen, maar ook met het hele speltakteam. Zijn ze nog op de goede weg? Hoe zit het met de groei en het spelaanbod?

Individuele ontwikkelingstrajecten begeleiden

Naast het traject om de kwaliteit van de speltakteams te optimaliseren, kan het ook zijn dat je persoonlijke verzoeken krijgt van vrijwilligers die zich ergens in willen ontwikkelen. Bijvoorbeeld voor hun studie of werk of omdat ze het leuk vinden. Met deze vrijwilligers kun je ook een TOP (Talent Ontwikkel Plan) maken en hen hierin begeleiden. Misschien willen ze een kwalificatie voor teamleider halen (ook al is er nu geen vacature teamleider) of willen ze grote activiteiten organiseren.

Ook kun je samen met de groepsbegeleider nieuwe leidinggevenden werven. Naast het functieprofiel is er ook een wervingsprofiel voor leidinggevenden. Het wervingsprofiel geeft de kaders aan van de functie: waar moet je aan voldoen en wat zijn je taken? Dit wervingsprofiel kan de groep ook gebruiken als vacature bij het zoeken naar nieuwe leidinggevenden. Het functieprofiel gaat dieper in op de taken en de competenties die je nodig hebt om verantwoord (bege)leiding te kunnen geven.

Verschil groepsbegeleider en praktijkbegeleider

De groepsbegeleider is de begeleider of coach van de leidinggevende in het reilen en zeilen van de teams, bijvoorbeeld als het gaat om de bezetting. De praktijkbegeleider houdt zich bezig met de kwaliteit en de ontwikkeling van de teams en de leiding. De groepsbegeleider zit in het bestuur als 'vertegenwoordiging' van de leidingteams en onderhoudt de contacten met het bestuur en de teams. De praktijkbegeleider zit niet in het bestuur en werkt samen met de groepsbegeleider. 

Taken van de groepsbegeleider

  • Jaarlijks informeren bij de individuele vrijwilligers om te horen hoe het gaat.
  • Werving en begeleiding nieuwe vrijwilligers.
  • Bemiddelen bij meningsverschillen binnen de vrijwilligersteams.
  • Coördinatie van stagiaires en maatschappelijke stages door scholieren.
  • Sfeer en samenhang van de groep vrijwilligers bevorderen.
  • Motiveren, stimuleren en adviseren van bestuursleden.
  • De groepsbegeleider maakt deel uit van het bestuur van de groep.
  • Samenwerking met de praktijkbegeleider.

Taken van de praktijkbegeleider

  • Bewaken van de kwaliteit van de teams en de individuele vrijwilligers.
  • Ondersteunen van vrijwilligers in het behalen van de competenties voor hun functie.
  • Ondersteunen van vrijwilligers in hun persoonlijke ontwikkeling.
  • Beoordelen van de competenties.
  • Aanvragen van de assessment bij de praktijkcoach.
  • Organiseren van de benodigde activiteiten die nodig zijn voor de vrijwilligers bij hun ontwikkeling of leertraject.
  • Bewaken van de kwaliteit van het spelaanbod.
  • Afstemming met de groepsbegeleider.

Verdieping en verder ontwikkelen

Wat Scouting betreft, is persoonlijke ontwikkeling een belangrijk thema. Binnen Scouting Academy zijn er verschillende mogelijkheden om je op allerlei vlakken verder te ontwikkelen.

  • Vrijwilligerswerk levert je wat op: aandacht voor persoonlijke ontwikkeling zorgt voor evenwicht tussen wat Scouting een vrijwilliger kost en wat het hem oplevert. Scouting is niet van de riante onkostenvergoedingen. Echter, wat we elkaar wel (naast plezier en vriendschap) kunnen geven, is een riante dosis persoonlijke ontwikkeling die van pas komt in je verdere leven, binnen én buiten Scouting.
  • Vrijwilligersbehoud: werk maken van persoonlijke ontwikkeling draagt ook bij aan vrijwilligersbehoud. Voor de korte termijn gaat het daarbij om de vraag of iemand zijn huidige functie goed aan kan. Ook als iemand gekwalificeerd is, kan het toch zijn dat hij tegen dingen aanloopt, of elementen van zijn functie beter wil doen. Daarmee aan de slag gaan, verhoogt de kans dat iemand de benoemingstermijn afmaakt en ‘bijtekent’. Voor de langere termijn gaat het om de koppeling van persoonlijke ontwikkeling aan de Scoutingloopbaan die de vrijwilliger ambieert. Of het nu is omdat iemand uitgekeken raakt op zijn huidige functie, of dat iemand de maximale benoemingsperiode heeft vol gemaakt, feit is dat Scouting een diversiteit aan functies te bieden heeft en dat persoonlijke ontwikkeling ertoe kan bijdragen dat iemand een nieuwe uitdaging oppakt die de vrijwilliger opnieuw kan binden.
  • Groei in kwaliteit: één van de speerpunten van Scouting. Daarbij is kwaliteit in het aanbieden en faciliteren van het Scoutingspel, oftewel de kwaliteit van vrijwilligers, een heel belangrijke factor. Ook om die reden vindt Scouting het van belang te investeren in persoonlijke ontwikkeling.
  • Persoonlijk gewin: wat je leert in Scouting is ook buiten Scouting van belang. Zo kan het zijn dat Scouting op je cv bijdraagt aan je sollicitatie, je kansen geeft in je werkloopbaan of van betekenis kan zijn in je studie.

Hoe ga je aan de slag?

Binnen Scouting kennen we twee verschillende soorten competenties. Functiegebonden competenties, vaardigheden die nodig zijn om je functie goed uit te kunnen voeren, en persoonlijke competenties, vaardigheden die je binnen Scouting opdoet en die zo omschreven zijn dat ze ook in de buitenwereld begrepen worden. Zo kun je 'in dezelfde taal' als die bijvoorbeeld op school gebruikt wordt, aantonen dat je binnen Scouting iets hebt geleerd of andersom. Dit hoef je dan niet opnieuw te leren.

Functiegebonden competenties

Binnen Scouting zijn er diverse functies met hun eigen functiegebonden competenties en daarmee hun eigen kwalificatie, bijvoorbeeld teamleider of trainer.

Je hebt een keuze gemaakt waarin je je verder wilt ontwikkelen. Samen met je praktijkbegeleider kun je een TOP (Talent Ontwikkel Plan) maken. Je maakt een TOP voor een functiegebonden kwalificatie. Je gaat zoeken waar je wat kunt leren. Misschien wil je een vervolg- of specialistische training volgen, wil je enkele kampspecialisaties halen of wil je leren hoe je om moet gaan met moeilijk gedrag bij kinderen.

Je maakt afspraken wie jou gaat begeleiden en stelt vast wanneer je het traject wilt afronden. De begeleiding kan bijvoorbeeld ook door een gekwalificeerd teamleider worden gedaan als je in de speltak één en ander wilt oefenen.

Bij elke training of cursus staat meestal wel beschreven wat het doel is en wat je na afloop kan en je moet het kunnen toepassen in de praktijk, er vaardiger in worden.

Persoonlijke competenties

Voor je persoonlijke competenties kun je gebruik maken van de competentieroos. Deze is gebaseerd op algemene competenties die door de buitenwereld ook begrepen worden. Er is een lege competentieroos die je kunt invullen. Je vult de roos voor jezelf in, alleen of met iemand samen. Het is goed om het resultaat altijd met iemand te bespreken. Soms kan het zijn dat je door een gesprek over een onderdeel helder krijgt hoe ver je met de competentie bent en tot hoe ver je die competentie wilt ontwikkelen. Bij de competentieroos is een handleiding gemaakt, die tekst en uitleg geeft bij het invullen ervan. Ook is er een vereenvoudigde versie, gemaakt door Regio Zeeland.

De persoonlijke competenties zijn terug te vinden in het functieprofiel van praktijkbegeleider. Er zijn namelijk raakvlakken tussen de persoonlijke competenties en de functiegebonden competenties. Deze zie je terug in de functiebeschrijving, onder ‘taken’, in de kolommen.

Hoe ga je andere kwalificaties halen?

Functiegebonden competenties

Training volgen in de regio of op landelijke evenementen

De meeste regio’s hebben een trainersteam. Zij bieden ook vervolg- of specialistische trainingen aan. Deze training bieden zij meestal aan op avonden of dagdelen in een weekend. Sommige regio’s doen dit in combinatie met een spelraad of hebben een workshopdag.

Je kunt je voor deze trainingen inschrijven via Scouts Online. De regio regelt dat de trainingen in Scouts Online staan met een inschrijfformulier. Indien jouw regio de training niet aanbiedt, kan je in elke andere regio in Nederland een training volgen. 

Landelijk worden er ook evenementen georganiseerd waar je kan deelnemen aan diverse workshops en trainingen, zoals de Scout-In en de Landelijke Scoutiviteit.

Je zou ervoor kunnen kiezen om de stap te maken naar de functie praktijkcoach als je voor jezelf een nieuwe uitdaging zoekt in je ontwikkeling. Klik hier voor meer info over de functie praktijkcoach.

Of je kiest voor een functie als trainer, neem dan contact op met de trainerscoördinator van het trainersteam in de regio.

Persoonlijke competenties

Hiervoor zijn verschillende mogelijkheden:

  • Coaching door iemand van buiten het eigen team. Bijvoorbeeld de groepsbegeleider of de coördinator vrijwilligersbeleid (HRM). Zij kunnen jou coachen in jouw leervraag of zij kunnen je helpen iemand te vinden die een coach is. De ervaring leert dat de meeste mensen het erg leuk vinden een ander te helpen om de competenties te verbeteren.
  • Deelname aan activiteiten of trainingen, zoals de Landelijke Scoutiviteit, Scout-In, de Gillwel-training of internationale seminars.

Je kunt natuurlijk ook je persoonlijke competenties ontwikkelen door op een ander niveau vrijwilliger te worden. Denk dan aan:

Eindbeoordeling

Hoe en door wie je eindbeoordeling wordt gedaan, is afhankelijk van de functie waarvoor je het aanvraagt. In de Kwalificatiewijzer staat precies wie wat kan en mag kwalificeren en dus ook beoordelen.

Tips en handige hulpmiddelen

Voor het uitvoeren van je taken als praktijkbegeleider zijn er een aantal handige hulpmiddelen.

  • Kwalificatiewijzer: deze kun je vinden in Scouts Online onder de tab 'Vrijwilligers' en ‘Overzichten en links'. In de Kwalificatiewijzer kun je een overzicht vinden van de verschillende kwalificaties en door wie een bepaalde kwalificatie aangevraagd en geregistreerd kan worden in Scouts Online.
  • Handboek voor praktijkbegeleiders : in deze handleiding wordt uitgelegd wat de functie van praktijkbegeleider inhoudt en worden de werkwijze en de werkvormen uitgewerkt voor de praktijk in de Scoutinggroep.
  • Handleiding : hierin staat stap voor stap beschreven hoe je in Scouts Online kwalificaties kunt registreren en aanvragen.
  • Toolkit praktijkbegeleider: in deze toolkit vind je alle documenten die je nodig hebt om de rol van praktijkbegeleider goed uit te kunnen voeren.